Categorie: Psychologie

Wijsheid đŸ‘©

Nawal El Saadawi: ‘We moeten onze opvatting over wat succes is veranderen. Het is noch geld, noch beroemdheid, noch macht: het is het vermogen om de wereld een betere plek te maken om in te leven.’

Mindfulnessoefening-Tara Brach

Kwaliteit in de zorg, maar hoe te meten?

Betere zorg volgens Menzis

Deze plannen van Menzis hebben voor veel reuring gezorgd in de Geestelijke Gezondheidszorg. Als dat het idee was, zijn ze er in geslaagd. Ook ik heb dit met stijgende verbazing en oprechte woede zitten lezen. Met name ook omdat ik, net als mijn mede zorgaanbieders, zich dit persoonlijk aantrekken. Er wordt onbedoeld of niet, gesuggereerd dat behandelaren niet resultaat van de behandeling zouden willen of maar Ă©indeloos door behandelen. Iedereen die in de gezondheidszorg werkt, is daar in gestapt omdat hij mensen wil helpen. We gaan soms gebukt onder het ‘redderssyndroom’, het idee dat iedereen te redden is door jou. Iets wat je met bloed, zweet en tranen moet afleren, omdat dat simpelweg niet kan. Sommige mensen zijn niet te redden, soms te helpen. Of niet te redden door jou omdat de behandelmethode niet aansluit of de “klik” er niet is.

Terug naar de plannen. Ik wil er een stuk uitlichten wat op hun website staat:

Het lijkt vreemd, maar toch is het vaak zo: zorg van betere kwaliteit is vaak goedkoper. Dat komt omdat als een patiënt beter wordt behandeld, er bijvoorbeeld minder vervolgzorg of medicatie nodig is. Tot nu toe worden GGZ-instellingen daar niet voor beloond in het Nederlandse zorgstelsel. Want als ze betere kwaliteit leveren, en er daardoor minder behandelsessies nodig zijn, lopen ze inkomsten mis. In de afspraken met de instellingen en Menzis verandert dat: de besparing die optreedt bij goede zorg, gaat voor het grootste deel terug naar de behandelaar. Daardoor wordt hij of zij beloond als de zorgkwaliteit voor de klant beter wordt.

Dit klopt voor het grootste deel. In de basis GGZ wordt ik betaald per pakket en of ik dan 7 of 10 sessies heb gehad, maakt voor mij zo’n 300 euro meer uit. Ik ‘verdien’ dus meer als ik langer behandel. Dit is overigens van het begin van dit betalingssysteem al door de zorgaanbieders aangegeven als ‘niet handig’. Maar hier laat Menzis ook zien wat hun filosofie is; betere kwaliteit staat synoniem voor minder behandelsessies. Dit lijkt misschien logisch maar is dat voor veel (psychische) klachten zeker niet. Vaak is er eerst tijd nodig om inzicht te krijgen in de klachten en de aanvaarding van de patient dat hij klachten heeft en ziek is. Dan pas kan gewerkt gaan worden aan verandering. Kort behandelen en na vier sessies klaar zijn, kan dan dus juist een slechte kwaliteit van behandelen betekenen. Waardoor de patient steeds opnieuw (dezelfde) klachten ontwikkelt.

 “In de te maken afspraken staan uitkomsten van zorg die voor patiĂ«nten van belang zijn centraal”, legt Bas van Riet Paap, manager GGZ bij Menzis, uit. “Denk aan klachtvermindering, klanttevredenheid, reductie van wachttijden en het verbeteren van de kwaliteit van leven.

Jammer dat de uitkomsten gekoppeld worden aan de tevredenheid en klachtvermindering met name. Zoals hierboven zelf aangegeven door Menzis zit de ‘winst’ veel meer in bijvoorbeeld minder vervolgzorg. Maar dit wordt niet gemeten. Ook dat is overigens lastig aangezien we uit de wetenschap weten dat de kans op terugkeer van een depressie meer dan 70% is. En dit is natuurlijk de grootste hamvraag die maar niet beantwoord kan worden, wat is dan de kwaliteit van de behandeling en de best mogelijk uitkomst van een depressieve behandeling?

‘Meten is weten’, maar dat geldt alleen voor wat gemeten kan worden. Meten kun je alleen wat in een letterlijke zin langer of korter, zwaarder of lichter, meer of minder kan zijn – dat wil zeggen, wat kwantiteit heeft. Hoewel elke lengte, elk gewicht, elke hoeveelheid relatief is (het een is langer dan het ander), kunnen we die relatieve kwaliteit met zekerheid en objectief vaststellen.
In onderwijs, zorg en allerlei dienstverlening gaat het om kwaliteit. Omdat we kwaliteit zo belangrijk vinden doen we aan kwaliteitszorg en organiseren we instrumenten om die kwaliteit te verzekeren. En daar gaat het mis. Want verzekering wil zekerheid, en zekerheid vraagt om meetbare resultaten. Dus vervangen we kwaliteit door kwantiteit: het aantal tevreden patiĂ«nten bepaalt dan de kwaliteit van zorg, het aantal diploma’s de kwaliteit van onderwijs, het aantal publicaties de kwaliteit van onderzoek. Wie kwaliteit wil, moet onzekerheid aankunnen. Kwaliteit wordt vergeten zodra men gaat meten. Paul van Tongeren, Emeritus hoogleraar Ethiek, Nijmegen

Stop met dit onzinnige plan totdat we kwaliteit echt kunnen beoordelen. Vertrouw tot die tijd wat meer op de behandelaren en zorgaanbieders!

Omgaan met de hitte

Het is warm, heet zelfs in Nederland. Eigenlijk al weken en mogelijk is dit iets wat de komende jaren vaker voor zal komen. De een vindt het heerlijk, de ander vreselijk. Deels door ongemak, maar sommige ook omdat ze zich zorgen maken over de klimaatverandering.

Wij zijn het niet zo gewend om met hitte om te gaan. Onze gebouwen, kleding en ons lijf is niet gemaakt voor een lange periode met temperaturen boven de 3o graden. Toch kunnen we hier aan wennen en het onszelf wat aangenamer maken dezer dagen. Het gezonde verstand en de gebruikelijke tips als veel water drinken, in de schaduw gaan en koelen zijn wel bekend. En rustig aan doen…Laat daar nu Mindfulness goed bij kunnen helpen. Mindfulness betekent vertragen, tijd en aandacht nemen voor wat je aan het doen bent. Door dingen meer bewust te doen, ga je automatisch je tempo vertragen. Meer bewust doen betekent dat je bijvoorbeeld al je zintuigen in zet. Hoe voelt dat glas water aan je hand, hoe ruikt water eigenlijk? En kun je de koelte op je tong voelen en in je keel als je slikt? Zo doe je rustig aan en je geniet meer van je slok water. Beide zijn fijn op een warme dag!

Een ander punt waarop Mindfulness kan helpen om aangenamer de hete dag (of nacht!) door te komen, is door minder aandacht te schenken aan de hitte. De temperatuur zelf is al warm genoeg. Wij mensen maken het vaak nog vervelender door er de hele tijd mee bezig te zijn, de focus op te leggen, over te piekeren of te klagen. “Double trouble” wordt dat wel genoemd.  Met een meditatie-oefening zoals een zitmeditatie kun je meer afstand nemen van die focus op de hitte of het geklaag. Op het moment dat je bewust bent van je geklaag, kun je dit herkennen (“ooh ja”) en je aandacht brengen naar je adem, het op en neer gaan van je borstkas of buik. En dit steeds weer opnieuw. (H)Erkennen dat je denkt aan de hitte, niet te veroordelen en dan je aandacht brengen bij het ritme van de adem, op en neer.

De hitte gaat er niet mee weg, maar je bent er niet voortdurend mee bezig waardoor je de dag minder gestressed of geĂŻrriteerd door kan komen.

Fijne dag!

Zorgverzekeraars vergoeden niet volgens eigen polisvoorwaarden

Vergoedingen voor niet-gecontracteerde zorg zijn vaak niet in overeenstemming met de polisvoorwaarden van de zorgverzekeraar. Dit blijkt uit een studie naar de vergoedingen die zorgverzekeraars voor niet-gecontracteerde zorg geven. Voor Stichting Zorghuis aanleiding om een handhavingsverzoek bij de Nederlandse Zorgautoriteit in te dienen. Na onderzoek ontdekten wij dat verzekerden in bijna alle gevallen, met een naturapolis, voor niet-gecontracteerde zorg veel minder vergoed krijgen dan wat er in de polis als vergoeding wordt genoemd. Vaak liggen de vergoedingen tussen de 3% en 17% lager. Soms kan dit oplopen tot maar liefst 40%. De zorgpolis suggereert een vergoeding die nooit wordt waargemaakt.

Met name daar waar zorgverzekeraars voor dezelfde prestatie meerdere beloningen met zorgaanbieders afspreken zien wij dat de vergoedingen voor niet-gecontracteerde zorg van bijna alle naturapolissen niet in overeenstemming zijn met de in de polisvoorwaarden beschreven vergoedingen. Het veelal in de polisvoorwaarden genoemde vergoeding ‘tot maximaal het gemiddelde tarief’ redt deze verzekeraars niet. Er is nooit enige relatie te leggen met het gemiddelde gecontracteerde tarief. De verzekeraars baseren zich in de meeste gevallen op het laagst, of een lagere ‘standaard’, gecontracteerd tarief. Deze redenatie volgend kan de verzekeraar in haar polisvoorwaarden ook stellen dat ‘tot maximaal 100% van de nota van de zorgaanbieder’ wordt vergoed. In beide gevallen haalt de daadwerkelijke vergoeding nooit de gegeven verwachting waaronder de polis wordt aangeboden.

Of een zorgverzekeraar zich al dan niet terecht op enig gecontracteerd tarief baseert is een hele andere discussie. Zorgverzekeraars bieden polissen aan waarin staat dat zorg wordt vergoed op basis van een ‘gemiddelde tarief zoals deze voor die betreffende zorgprestatie is overeengekomen’. Maar ze leveren een lagere vergoeding. Of de verzekeraars, zoals ze in hun reactie aangeven, het heel terecht vinden dat ze zich baseren op het laagst of een standaardtarief, omdat ze nu eenmaal niet kunnen controleren of een zorgaanbieder waarmee ze geen contract hebben aan diezelfde kwaliteitseisen voldoet, is niet de vraag waar het om gaat.

De verzekeraar slaat eigenlijk de spijker op zijn kop. Ze motiveren waarom dĂĄt tarief wordt vergoed. Dan moet ook dĂĄt tarief in de polis benoemd worden. De zorgverzekeraars spreken zichzelf ook tegen. Een enkele zorgverzekeraar berekent voor een zorgprestatie wel netjes het gemiddelde, dus inclusief de extra vergoedingen. Er zijn ook zorgpolissen, van dezelfde risicodrager, die wel correct vermelden dat deze vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg is gebaseerd op het laagste gecontracteerde tarief.

Voor die zorgprestaties waar wij naar hebben kunnen kijken waren de vergoedingen direct te linken aan een veel lagere of zelfs het laagst gecontracteerd tarief. Maar vaak konden wij geen enkele link leggen met enig gecontracteerd tarief en vergoedingen zijn soms op geen enkele wijze ‘marktconform’ te noemen. Terwijl dat laatste wel een wettelijke vereiste is.

Wanneer je de vergoeding baseert op een lagere standaard of zelfs het laagst gecontracteerde tarief dan moet je dat tarief ook benoemen in de polis. De suggestie mag niet worden gewekt dat de vergoedingen hoger zijn. De reactie van de zorgverzekeraars versterkt eigenlijk ons vermoeden dat dit probleem zich bij veel meer zorgprestaties voordoet dan waarvan wij de contracten hebben kunnen inzien.

De NZa heeft inmiddels laten weten dat ze een uitgebreid onderzoek zijn gestart.

Bron: Stichting Zorghuis http://www.zorghuis.nl

De denker

De denker

 

Hoe tragisch degene die nadenkt

Wat hij gisteren fout heeft gedaan

Hoe het anders had gemoeten

En hoe het beter kan, morgen of over tien jaar

Die vergeet dat elke dag de laatste kan zijn

Ontkent de onzekerheid van het bestaan

Niet ziet hoe mooi toch vandaag is

In gedachten te ver hier vandaan

Hoe vaak ben ik zelf deze persoon

Huist hij niet in ons allemaal

Maar zullen we dan vandaag hem buiten laten staan

En het leven ten volle beleven

Want daarvoor zijn wij tenslotte hier

 

 

 

HJ Falkena, 2017

Modeziektes?

Er zijn steeds meer kinderen en volwassenen met diagnoses als ADHD, autisme, burn-out en chronische vermoeidheid. Hoe komt dit toch? Is het omdat deze klachten en symptomen steeds meer gezien worden en erkend worden? Of wordt alles wat een beetje afwijkt van het ‘normale’ meteen voorzien van een stempel?

Zoals meestal ligt de waarheid ergens in het midden. Zo is er bijvoorbeeld meer aandacht voor de aanwezigheid van kenmerken van autisme bij meisjes en vrouwen. Er wordt meer gekeken naar de werksfeer, bedrijfscultuur, en verantwoordelijkheidsgevoel en de invloed daarvan op werkproblemen en ziekteverzuim.

We leven in een maatschappij waarbij alles ‘perfect’ moet zijn, dingen mogen niet mislukken, wijzelf mogen wel fouten maken maar daarvan moeten we wel leren. Kortom, tegenslag, pech en ongeluk horen voor veel mensen niet meer bij het leven. Dit maakt het extra moeilijk om hier mee om te gaan in het Ă©chte leven waar het wel degelijk erbij hoort.

Eigenlijk moeten we van de term diagnose af. De DSM-V, de bijbel van de psychiatrie, is dan ook een classificatie systeem. Het classificeert verschillen tussen mensen en tussen verschillende levensfase in termen van symptomen, signalen en kenmerken. We zitten allemaal op deze schalen waarbij we van het één een beetje hebben en van het ander een beetje veel. Het belangrijkste voor de mensen zelf en voor een mogelijke behandeling of niet is de hoeveelheid last (lijdensdruk) die iemand van zijn eigen gedrag, gevoelens of denken ervaart (of gevaar voor de omgeving).  Dus niet zozeer of iemand met twee van de drie kenmerken in aanmerking komt voor de categorie autisme spectrum stoornis. Maar meer dat iemand problemen ervaart met het begrijpen van wat een ander precies bedoeld en daardoor zich buitengesloten en eenzaam voelt.

We mogen toe naar een beschrijving van hoe iemand op dit moment zijn leven ervaart en niet naar een stempel die voor ‘altijd’ aan iemand vast zit en waar mogelijk ook als excuus gebruikt wordt om dingen niet te veranderen. We mogen toe naar het kijken welk gedrag, omstandigheden en gedachtegang leiden naar de last die ervaren wordt. We kunnen energie stoppen in  gedrag, omstandigheden of gedachten die we kunnen veranderen. Maar al wat niet te veranderen is, hebben we te aanvaarden.

Zorgverzekeraars belemmeren toegang tot zorg ( artikel Zorgvisie)

Zorgverzekeraars zien nog altijd mogelijkheden om de toegang tot de zorg te belemmeren en werpen zichtbare en minder zichtbare drempels op.

Ook ik merk dit in het declareren van de facturen door mijn cliënten. Verzekeraars geven aan dat de factuur niet de juiste gegevens bevat. Als ik er achteraan bel, blijkt dat de vereiste gegevens er allemaal op staan. Maar daar laten ze het vaak niet bij

Eerste drempel: de budgetpolis
De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 11 juli 2014 bepaald dat de vergoeding van de zorgverlening door een niet-gecontracteerde zorgaanbieder niet zodanig laag mag zijn dat daarmee voor de verzekerde een ‘feitelijke hinderpaal’ ontstaat om naar deze zorgaanbieder te gaan. Sindsdien is in de rechtspraak bepaald dat niet-gecontracteerde zorg voor ten minste 75 procent van het marktconforme tarief moet worden vergoed. TĂłch bestaan er nog altijd budgetpolissen die uitgaan van een vergoedingspercentage van 50 procent. De praktijk leert dat zorgverzekeraars na enig aandringen best bereid zijn om ook in geval van dergelijke polissen ‘gewoon’ 75 procent te vergoeden. Veel verzekerden weten dat echter niet. Zij zien in hun polis een vergoedingspercentage van 50 procent staan en zullen zich daardoor wel drie keer bedenken voordat zij zich tot een niet-gecontracteerde zorgaanbieder wenden. Dat zal ook de reden zijn dat zorgverzekeraars gebruik blijven maken van budgetpolissen: ofschoon dergelijke polissen in strijd zijn met de wet en jurisprudentie, is het gebruik ervan bijzonder effectief om niet-gecontracteerde zorg te weren.

Tweede drempel: het machtigingsvereiste
In steeds meer polisvoorwaarden staat dat een verzekerde voor bepaalde behandelingen vooraf toestemming van zijn zorgverzekeraar moet vragen. De zorgverzekeraar mag op zorginhoudelijke gronden beoordelen of een verzekerde redelijkerwijs is aangewezen op bepaalde zorg. Opmerkelijk is echter dat sommige zorgverzekeraars de machtigingseis alleen stellen als een verzekerde naar een niet-gecontracteerde zorgaanbieder wil gaan. De route naar de gecontracteerde zorgaanbieder is vrij. Vreemd, want waarom zou de zorgverzekeraar alleen bij niet-gecontracteerde zorg willen toetsen of iemand redelijkerwijs is aangewezen op de betreffende zorg? Deze toets hangt immers niet zozeer samen met de instelling die de zorg gaat verlenen, maar met de persoon van de verzekerde. Het heeft er alle schijn van dat zorgverzekeraars verzekerden weg proberen te houden bij de niet-gecontracteerde zorgaanbieder door het machtigingsvereiste selectief in te zetten bij niet-gecontracteerde zorg.
De hiervoor genoemde drempels worden primair uit financiĂ«le overwegingen opgeworpen. Niet alleen zijn de drempels veelal onrechtmatig, ze zijn ook een vorm van verkapte risicoselectie. Een zorgverzekeraar wil nu eenmaal liever niet dat veel van ‘zijn’ verzekerden naar een niet-gecontracteerde zorgaanbieder gaan. Dat leidt immers tot kosten die niet vooraf in te schatten zijn.

Met het waarborgen van goede zorg heeft dit alles weinig te maken. Dat veel aanbieders niet gecontracteerd worden, heeft veelal immers niets te maken met de kwaliteit van zorg die deze aanbieders bieden. Nieuwe praktijken worden simpelweg geweigerd omdat in ÂŽhet verzorgingsgebied al genoeg aanbodÂŽis. Bestaande praktijken krijgen automatisch elk jaar een nieuw aanbod van de zorgverzekeraar….